Inzet van beeldvorming bij maxillofaciale en dento-alveolaire traumatologie als diagnosticum

Dr. R. (Romke) Rozema en dr. B. (Baucke) van Minnen

In de afgelopen 15 jaar is de beeldvorming in de primaire diagnostiek van patiënten met aangezichtsletsel geleidelijk verder opgeschoven van 2D naar 3D beeldvorming door middel van (Cone Beam-)CT. Dit levert voordelen op met betrekking tot het stellen van de diagnose, zeker als het fracturen betreft van het middengezicht en de bovenste gezichtshelft. Nadelen van het veelvuldig inzetten van de CT-scan als diagnosticum zijn de oplopende kosten en hogere stralingsbelasting ten opzichte van 2D röntgendiagnostiek. Dit heeft er toe geleid dat in de afgelopen jaren de diagnostiek met behulp van CT opnieuw is geëvalueerd. Wanneer is op basis van gedegen lichamelijk onderzoek aanvullende beeldvorming echt nodig? En hoever kan de stralingsdosis worden teruggebracht om met behulp van moderne beeldverwerking en -verbeteringstechnieken alsnog betrouwbare diagnostiek te kunnen verrichten?

 

Inzet van beeldvorming bij maxillofaciale traumatologie ter ondersteuning van behandeling

Dr. L. (Leander) Dubois

Dat 3D beeldvorming steeds meer gezien wordt als gouden standaard als het gaat om diagnose van aangezichtsletsel spreekt voor zich. Zeker bij complexere verbrijzelingsletsels zal 3D beeldvorming ervoor zorgen dat je minder snel voor een verrassing komt te staan. De uitdaging  is om alles uit deze DICOM-data set te halen door de principes van computergestuurde chirurgie toe te passen. Met geavanceerde segmentatie en spiegeltechnieken kan namelijk de pre traumatische anatomie worden gesimuleerd.  Letsels kunnen virtueel worden gereconstrueerd. Door deze planningen te exporteren naar 3D printers is het mogelijk geprinte modellen te vervaardigen die kunnen helpen bij de behandelplanning door hierop osteosyntheseplaten voor te buigen. Nog mooier is om de hele workflow te digitaliseren en zelfs de implantaten patiënt specifiek te vervaardigen. Daarnaast kan de reeds gemaakte 3D planning ook geëxporteerd worden naar de navigatieapparatuur. Deze geeft een dynamische feedback tijdens de operatie en helpt sturing geven aan de reconstructie. Voordat de patiënt uit narcose ontwaakt zal intra-operatieve beeldvorming helpen om het bereikte resultaat te visualiseren. Door de planning hierop te superponeren is direct zichtbaar hoe nauwkeurig de reconstructie is geweest en geeft de mogelijkheid direct iets aan te passen. Zelfs bij complexe reconstructies zijn nauwkeurigheidsmarges onder 1mm mogelijk.

Voor de hoog-complexe primaire maxillofaciale traumatologie helpen bovenstaande principes om tot voorspelbare uitkomsten te komen. Voor de secundaire traumatologie geldt dat de 2e kans de laatste kans zou moeten zijn, waardoor elk stukje wat bijdraagt aan een meer voorspelbare uitkomst meer dan welkom is.

 

Beeldvorming in de Forensische Odontologie

Drs. F. (Frithjof) Kroon

Het komt regelmatig voor dat lijken worden aangetroffen van onbekende personen. Daarbij gaat het om individuele gevallen, maar ook om (massa) rampen waar meerdere slachtoffers vallen te betreuren. Vaak zijn de lichamen ernstig gemutileerd en mede daarom niet meer toonbaar voor nabestaanden. Uit humanitaire overwegingen maar ook vanwege juridische en verzekeringstechnische belangen, zal men zich steeds tot het uiterste inspannen om de identiteit van een overledene te achterhalen. Bij de identificatie speelt het gebit geregeld een belangrijke rol en wordt de forensisch odontoloog ingeschakeld.

Forensische odontologie is het deel van de tandheelkunde dat zich – in het belang van justitie – bezighoudt met de professionele behandeling en onderzoek van tandheelkundig bewijsmateriaal, en met deskundige interpretatie en documentatie van de bevindingen. Identificatie van onbekende stoffelijke overschotten op basis van gebitsgegevens is het belangrijkste werkterrein van de forensische odontologie. Ook bij massarampen, waarbij veel slachtoffers zijn, is gebleken dat identificatie aan de hand van het gebit zeer goed toepasbaar is.

In deze presentatie staat de gebitsidentificatie centraal. Een en ander wordt toegelicht door middel van casuïstiek van individuele gevallen. Daarbij zal worden geïllustreerd dat röntgenopnamen belangrijk zijn. Ze kunnen het verschil maken en vaak doorslaggevend zijn.

De forensisch odontoloog maakt ook deel uit van het Landelijk Team Forensische Opsporing (voorheen het Rampen Identificatie Team) en wordt dus ook ingezet bij rampen, zoals na de vuurwerkramp in Enschede, de tsunami in Thailand en de MH17. Aan de hand van de inzet in Thailand na de tsunami wordt uiteengezet hoe het er in de praktijk aan toegaat.

Het programma van deze cursusavond bestaat uit de volgende lezingen:

19.00-19.30 uur: Romy de la Motte (Rest. Tandarts i.o.):  Herstel van lokale slijtage met toepassing van slijtvaste “flowables” en mallen

Flowables werden lange tijd beschouwd als ongeschikt om duurzaam de anatomie te herstellen. De slijtvastheid is de afgelopen jaren zodanig toegenomen dat toepassing als “syringable restorative” mogelijk is geworden. Voor herstel van lokale slijtage in het front zijn technieken ontwikkeld waarbij met mallen en “flowables” de anatomie zeer nauwkeurig kan worden overgebracht. Een overzicht van materialen en eigenschappen afgerond met een casus.

19.30-20.00 uur: Marlous Cardinaal (Master 3 IP student Tandheelkunde): Deprogrammeren voordat je gaat registreren

Bij gegeneraliseerde slijtage is er bijna altijd sprake van musculaire adaptatie (program). Om gegeneraliseerde gebitsslijtage te kunnen herstellen in de juiste beethoogte moeten de kauwspieren gedeprogrammeerd worden, zodat ze ontspannen zijn en een correcte registratie mogelijk is van de CR. Pas dan kan een betrouwbare occlusie-analyse gedaan worden, een wax-up en vervolgens occlusale restauraties gemaakt worden. In deze voordracht wordt uitgelegd hoe, waarom en waarmee dit gedaan kan worden.

20.15 -21.00 uur: Montyn Stoffels (Rest. Tandarts i.o.): Van registeren en analyseren tot een behandelplan

In deze voordracht zal stapsgewijs in worden gegaan op de analyse van de problematiek, het zorgplan worden uitgelegd en de stapsgewijze aanpak.

21.00-21.45 uur: Phillip van Rijn (Rest. Tandarts i.o.): Postcanien met gefreesde HC Blocks

Digitaal zijn er steeds meer “tools” waarmee de gebitssituatie kan worden vastgelegd, de behandeling virtueel kan worden geanalyseerd en indirecte restauraties kunnen worden vervaardigd. In deze voordracht komen al deze aspecten aan de orde.

21.45 uur: Discussie

Onder leiding van Hans van Pelt (supervisor IP programma en traineeship).

 

Vanaf 18.00 uur: ontvangst met koffie en broodjes

 

Om in te schrijven voor deze kleinschalige cursus stuurt u een email met uw gegevens naar: info@sdu.education


Locatie in Almere volgt.

 

 

Aankondiging Herfstsymposium 2021

“Alles wat u altijd al wilde weten over wortelresorptie!”

Em. Prof. Anne Marie Kuijpers-Jagtman en Dr. Jaap C. Maltha gaan in op externe (apicale) wortelresorptie tijdens en na een orthodontische behandeling. Wat is het biologische proces dat ten grondslag ligt aan het ontstaan van wortelresorptie? Hoe erg is het eigenlijk? Het brengt de behandelaar een stap verder als we voor de behandeling kunnen voorspellen bij welke patiënten wortelresorptie zal gaan optreden. En wat doen we tijdens en na de behandeling als er wortelresorptie blijkt te zij opgetreden? De sprekers proberen een evidence-based dan wel consensus-based antwoord te geven op deze vragen.

Dr. Jan Schols neemt u in zijn lezing mee in zin en onzin van met name röntgendiagnostiek in het kader van orthodontische behandelingen.

  • Wat doen we in Nederland in vergelijk met andere landen in Europa?
  • Geeft de richtlijn “Orthodontische Radiologie” voldoende houvast voor de behandelaar?
  • In hoeverre rechtvaardigt het risico op wortelresorptie frequente röntgenopnamen?
  • Wanneer is het maken van een CBCT opname gerechtvaardigd voorafgaand en tijdens orthodontische behandelingen?

Drs. Machteld Siers sluit het symposium af met “Opgelost en wat nu?”.
Resorptie bestaat in veel verschillende vormen. We gaan het hebben over idiopatische resorptie, resorptie als gevolg van dentaal trauma, interne resorptie en cervicale invasieve resorptie. Het is belangrijk om te weten wanneer resorptie verwacht kan worden en het te herkennen als het optreedt. Elke vorm heeft een andere oorzaak. Is het te behandelen, moet het behandeld worden of is afwachten beter?

Uiteraard zal er ook ruim tijd worden ingepland om in discussie te gaan over de diverse onderwerpen.

De Nederlandse Vereniging voor DentoMaxilloFaciale Radiologie heeft ten doel wetenschappelijke en praktische kennis omtrent tandheelkundige en maxillo-faciale radiologie, beeldvorming, diagnostiek en stralenbescherming te bevorderen en te verbreiden en in het tandheelkundige veld te integreren.

 

Save the date!

Komend jaar zullen wij een voorjaarssymposium organiseren op donderdag 15 april 2021 in het Van der Valk hotel te Almere.
Zoals voorgaande edities zullen wij om 16:00 uur starten en eindigen rond 20:30 uur, uiteraard inclusief diner. Meer informatie over het onderwerp, sprekers en inschrijving volgt.

Het wintersymposium van de NVDMFR is geheel gewijd aan de ontwikkelingen op het gebied van de kunstmatige intelligentie in het algemeen en in de tandheelkundige diagnostiek. Middels diverse voordrachten van experts op het gebied van de toepassing van kunstmatige intelligentie voor (ondersteuning van) tandheelkundige diagnostiek poogt de NVDMFR een inspiratiesessie neer te zetten waarbij u meegenomen wordt in de huidige ontwikkeling en de verwachtingen voor de toekomst.

Voor informatie en inschrijven, klik hier